Stel je even voor: het is 1940. Het is lente, maar de lucht voelt zwaar.
▶Inhoudsopgave
Op 9 mei verandert alles in Nederland. De inval van Nazi-Duitsland is een harde klap die ons land jarenlang in een donkere periode duwt.
In 2024 keken we voor het eerst echt terug op deze specifieke datum met de Maczekherdenking. Nu, een paar jaar later, staan we op het punt om dat opnieuw te doen, maar dan in 2026. Dit wordt geen gewone herhaling.
We willen het anders, beter en impactvoller maken. Laten we eens kijken wat er op de planning staat en hoe we deze herdenking vormgeven voor nu.
Terugblik op 2024: De basis is gelegd
De eerste Maczekherdenking in 2024 was intens. Het ging over de gebeurtenissen van 9 mei 1940, de dag dat de Tweede Wereldoorlog voor Nederland echt begon.
We zagen nationale herdenkingen in Den Haag en Arnhem, en veel lokale initiatieven. De kosten? Ongeveer 2,5 miljoen euro, vooral betaald door de overheid en gemeenten.
Het was groot in het nieuws; kranten, tv-shows en documentaires besteedden er veel aandacht aan. En het werkte: een enquête liet zien dat 78% van de Nederlanders de herdenking belangrijk vond. Maar er was ook ruimte voor verbetering.
Wat ging er mis en wat leren we daarvan?
Hoewel de eerste herdenking succesvol was, waren er zeker uitdagingen. Een veelgehoorde kritiek was dat de focus te smal was.
We keken vooral naar 9 mei en de directe nasleep, maar de lange bezettingstijd daarna kwam minder aan bod.
Ook de ervaringen van verschillende groepen in de bevolking kregen niet altijd de aandacht die ze verdienden. Sommigen vonden de presentatie soms wat oppervlakkig. Jongeren waren minder betrokken dan gehoopt.
Logistiek was het ook een uitdaging: de grote toestroom in Den Haag zorgde voor drukte. En hoewel de kosten relatief meevielen, is elke euro natuurlijk belangrijk. De evaluatie na 2024 liet duidelijk zien: we moeten diverser en interactiever.
De plannen voor 2026: Een frisse aanpak
Voor 2026 willen we het anders doen. We willen leren van 2024 en een aanpak die beter past bij vandaag.
Hier zijn de belangrijkste nieuwe initiatieven. We stoppen met kijken alleen naar 9 mei. In 2026 pakken we de hele periode van de bezetting mee.
1. Een bredere historische lens
Denk aan onderdrukking, verzet, deportaties en honger. We willen het verhaal vertellen van alle kanten.
Dit doen we via tentoonstellingen in musea zoals het Verzetsmuseum in Amersfoort en het Nationaal Bevrijdingsmuseum in Arnhem. Er komt ook een nieuw project: "Verhalen uit de Bezettingsjaren". Hierin verzamelen we persoonlijke getuigenissen en zetten we die online. Dit project krijgt 1,5 miljoen euro van de overheid en hoopt via donaties op totaal 3 miljoen euro uit te komen.
2. Jongeren actief betrekken
De focus ligt op de ervaringen van Joden, Roma, politieke gevangenen en gewone burgers. Jongeren waren in 2024 minder betrokken.
Dat gaan we in 2026 veranderen. Er komt een campagne speciaal voor jongeren, gesteund door het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap. Dit ministerie trekt 800.000 euro uit voor de "Jonge Verhalen" campagne.
3. Lokale initiatieven en nieuwe herdenkingsplekken
Scholen krijgen educatieve programma’s en workshops. Jongeren worden uitgenodigd om hun eigen familiegeschiedenis te onderzoeken en te delen.
Er komt een wedstrijd voor kunst, muziek en literatuur over de bezetting. De beste inzendingen worden in verschillende steden tentoongesteld. In tien scholen starten we een pilot met een nieuwe lesmethode die de geschiedenis koppelt aan hedendaagse thema’s.
De herdenking in 2026 moet niet alleen in Den Haag of Arnhem plaatsvinden. Gemeenten worden aangemoedigd om zelf initiatieven te ontwikkelen.
4. Digitale innovatie en interactieve ervaringen
Er komt een speciaal fonds van 1,5 miljoen euro (1 miljoen van gemeenten en 500.000 euro van bedrijven) om lokale herdenkingsplekken te verbeteren. Denk aan het opknappen van oorlogsmonumenten of het creëren van nieuwe plekken voor herdenking.
Er komt een landelijke website waar gemeenten hun initiatieven kunnen delen. Zo ontstaat er een netwerk van herdenking door het hele land. We gaan digitaal.
Er komt een augmented reality app waarmee je door bezette steden kunt lopen en historische scènes kunt zien.
5. Internationale samenwerking
Ook komt er een virtuele tour door het Verzetsmuseum voor mensen die niet fysiek kunnen komen. Er wordt een online database gebouwd met getuigenissen en archiefmateriaal. Dit project wordt gesteund door het Stimuleringsfonds Creativiteit met 750.000 euro. De focus ligt op toegankelijkheid: iedereen, ook mensen met een beperking, moet de digitale ervaring kunnen beleven.
De Tweede Wereldoorlog was niet alleen een Nederlands verhaal. Daarom werken we in 2026 samen met musea en organisaties in andere landen.
Er komt een internationale conferentie in Den Haag waar experts hun kennis delen. Ook starten we een project om slachtoffers in de diaspora te herdenken, in samenwerking met Joodse organisaties. De Europese Commissie subsidieert deze samenwerking met 1 miljoen euro, aangevuld met private donaties.
Het budget: Hoe wordt het betaald?
De totale kosten voor 2026 worden geschat op 6,5 miljoen euro. Dit geld komt van verschillende kanten: de overheid, gemeenten, private donoren en Europese fondsen.
Er komt een speciaal herdenkingsfonds om de financiering op de lange termijn te regelen. Transparantie is hierbij cruciaal. Een onafhankelijke controleur houdt in de gaten hoe het geld wordt besteed en rapporteert dit aan het publiek.
Conclusie: Een herdenking met impact
De Maczekherdenking in 2026 is een kans om stil te staan bij onze geschiedenis, maar ook om vooruit te kijken. Door nieuwe initiatieven rond de Maczekherdenking, meer betrokkenheid van jongeren en slimme digitale tools, wordt het meer dan alleen een herdenking.
Het wordt een moment waarop we stilstaan bij wat er is gebeurd en wat we daarvan leren voor de toekomst.
We willen niet alleen gedenken, maar ook democratische waarden versterken en voorkomen dat geschiedenis zich herhaalt. Met de lessen van 2024 in ons achterhoofd en een plan voor 2026, zetten we een stap naar een herdenking die raakt en inspireert.